Aryanto

Guru Geeta

 
 

 

 

 


Om Namah Sivaya

OM Sri Guru Geeta Namaha



OM VARJA OM  OM VARJA OM  OM VARJA OM  OM VARJA OM  OM VARJA OM  OM VARJA OM  OM VARJA OM

 

De Guru Geeta is door Ishvara aan zijn geliefde Ishvari gegeven.


Vers 1
Onderwerping aan Brahman, het ondenkbare, het ongemanifesteerde. Voorbij en boven de Gunas, sattva, rajas en  tamas. De eigenheid van de gunas, de steunende substantie en substraat achter het gemanifesteerde universum.

De wijze zeiden:

Vers 2
Suta, de wijze, u die meesterschap heeft gekregen over nigamas en agamas! Aub, vertel de werkelijke en ware natuur van de Guru, die de kracht heeft om de onzuiverheden te verwijderen.

Vers 3
Door dit te aanhoren wordt men bevrijd van alle pijnen en door het volgen van het pad die de wijzen aantonen verkrijgt men de staat van alwetendheid.

Vers 4
Door dit te verkrijgen raakt men verlost van de cyclus van geboorte en dood. Dus vertel het ons nu, wat is de hoogste werkelijkheid.

Vers 5
Suta, we zijn vol verlangen al dit te aanhoren van u en uitzonderlijk de Guru Geeta welke de essentie en het geheim van alle geheimen is.

Vers 6
Aldus door de wijze herhaaldelijk gevraagd, sprak Suta deze wijze woorden met groot enthousiasme.

Suta zei:

Vers 7
Aldus herhaaldelijk gebeden door Parvati, de Grote Heer Mahesvara sprak de volgende woorden. Zijn hart overvloedig van grote Zaligheid.

Wijze, aanhoor met een verscherpt aandacht, ik zal u nu de Guru Geeta vertellen die de mogelijkheid heeft om alle ziekten van Samsara te vernietigen en die is zoals de moeder voor u allen.

Vers 8
Er was eens op de bergpiek van Kailasa gezeten omgeven door Siddhas en Gandharvas en op de mooiste natuurlijke plaatst met heesters, bloemen, fruit, enz.

Vers 9
Gezeten op een tijgervel. Omgeven door Suka en andere heiligen tijdens een gelegenheid, terwijl Heer Siva, Ishvara de allerhoogste, de Rishis de hoogste werkelijkheid verklaarde.

Vers 10
Parvati, met haar aangezicht vol van devotie, zal zij voor de heer buigen tot sommige met grote vurigheid en heel erg verrast zijn met dit, vroeg zij aldus tot de Heer.

Vers 11
Parvati zei: Gegroet ben je, O Heer der Heren, u bent de leraar van het ganse universum. U bent het allerhoogste. U onderwijst de kennis van de allerhoogste. Goden, demonen en mensen aanbidden u met veel devotie.

Vers 12
Heer Brahma, Heer Vishnu, Indra en andere vereren u altijd. Ik wens van u te vernemen wie de ontvanger is van u verering. Is er iemand die superieur is aan u. Tot wie hebt u te aanbidden? Bent u niet het ene en allerhoogste wezen. De enige verblijfplaats en toevluchtsoord?

Vers 13
Deze daad van u te hebben opgemerkt, ben ik verwonderd. Ik ben niet in de mogelijkheid dit te begrijpen. O heer Verlicht mij
Vers 14
Heer, Kenner van alle Dharmas, O Sambhu, vertel mij alstublieft de glorie van de Guru die de beste is van alle Vratas.

Vers 15
Op welke manier kan een individuele ziel de hoogste staat van het Brahman bereiken? Ik vereer U. Ik aanbid uw voeten. Zou u zo goed willen zijn mij dit te verklaren.
Vers 16


Vers 17
Lord Mahadeva zei: O devi, dit is het geheim van alle geheimen. Dit is nog nooit verteld aan iemand. Ik heb dit tot hiertoe nog niet aan iemand kenbaar gemaakt. Maar ik zal het aan u vertellen vanwege u grote devotie voor mij.

 

 

 

Vers 18
Devi, U bent mijn eigen Zelf in een andere vorm. Nog nooit heeft iemand me deze vraag gesteld. U vraag gaat de ganse wereld aan. Daarom zal ik het u vertellen.

 

 

 

Vers 19
Hij die de hoogste devotie heeft tot de Heer en dezelfde devotie tot zijn Guru. Tot hem alleen zal die verklaard worden en zullen zichzelf verklaren.

 

 

 

Vers 20
Hij die de Guru is is niemand anders dan Siva de allerhoogste Ishvara zelf. Zo vertellen de geschriften. Het feit dat Siva de Guru is, wordt ons herinnerd in de Smritis. Hij die een onderscheid maakt tussen de twee, begaat dezelfde fout als de vrouw van zijn leraar te verleiden.

 

 

 

Vers 21
De Guru is Brahman en niemand anders dan Brahman zelf, O Parvati. Ik verklaar deze Waarheid aan U. Luister naar mijn woorden en geloof, Want deze woorden zijn onbekend voor iemand anders in de drie werelden.

 

 

 

Vers 22 & 23
De Vedas, de Shastras, de Puranas, de Itihasas enz. de wetenschap van Mantra, Yantra, Mohana, Uchatana enz. Culten zoals Saiva, Agama, Sakta enz. en andere culten die tegenwoordig bestaan in de wereld zijn veelal valse theorieën uitgelegd in verkeerde woorden, die verward de onwetenden en de Jivas misleiden.

 

 

 

Vers 24
Japa, soberheid, voorschriften, pelgrimstochten, offergaven, liefdadigheid zijn verloren inspanning zonder het begrijpen van de Guru Tattva.

 

 

 

Vers 25
Parvati, ik verklaar u, met nadruk bij mijn commando. Er is geen verschil tussen de Guru en het Atma. Daarom, voor het verkrijgen zullen inspanningen door de zoekers gemaakt worden. Men leert in de schrifturen, mensen van wijsheid.

 

 

 

Vers 26
De verborgen onwetendheid, afwezigheid van het Zelf, Maya het lichaam, alle veroorzaakt door onwetendheid, ajnana. Door wie zijn gunst verkrijgt men directe kennis van het Zelf. Hij is gekend door de naam "GURU".

 

 

Vers 27
Ik geef mij over aan die Guru welke is zoals de twee lotus-achtige voeten die helpen voor het verwijderen van alle miseries die te voorschijn komen uit de paren van tegenstelling en die helpen voor het doorbreken van de cyclus van geboorte en dood.


Vers 28
Ik zal aan u vertellen door wat de gebonden ziel Brahman wordt. Het is door dienst te doen van de voeten van de Guru. Ik zeg dit vanwege mijn speciale interesse in u.

 

Vers 29
Door het drinken van het water nadat de heilige voeten van de Guru zijn gewassen en de overschot gesprenkeld over het hoofd, verkrijgt men de vruchten van een bad genomen in alle heilige rivieren en op de heilige plaatsen.

 

Vers 30
De Padodaka (water dat verzameld werd na het wassen van de voeten van de Guru) van de Guru heeft de kracht van het vernietigen van de zonde van de discipel en brengt hem de lamp van wijsheid en brengt hem over de oceaan van Samsara.

 

Vers 31
Men zal het water drinken waarin de voeten van de Guru zijn gewassen. Voor het ontwortelen van de onwetendheid om de cyclus van Karma, geboorte, dood, enz. te doorbreken alsmede en voor het verkrijgen van de onpartijdigheid van de kennis van het Zelf.

 

Vers 32
Men zal altijd de naam van de Guru herhalen. Mediteren op zijn vorm. Het water drinken waarin de voeten van de guru zijn gewassen en de restanten van zijn bord opeten.

 

Vers 33
Het herhalen van de namen van de Guru is zoals het herhalen van de namen van Heer Siva, die Ananda is en de meditatie op de naam van de Guru is zoals meditatie op Siva.

 

Vers 34
Het stof op de voeten helpen om voorgoed de brug van samsara over te steken, zo een beschermer, Sadguru, zal ik dagelijks aanbidden.

 

Vers 35
Bij wiens zegen alleen twee, lijden en bedrog vernietigd, tot die verheven Heer Guru breng ik mijn groet.

 

Vers 36
Door wiens zegen men de belemmeringen verliest van onwetendheid. Aan Hem breng ik mijn groet. Tot die hoogste Leraar die schenkt alle verlangen van de vier Purusharthas Dharma, Artha, Kama en Moksha.

 

Vers 37
De plaats waar de Guru leeft is Kashi Kshetra en het water nadat de heilige voeten van de Guru zijn gewassen is de Ganges. The Guru is Heer Viswanatha gepersonaliseert en zijn woorden tonen de Taraka Brahma.

 

Vers 38
De dienst van de Guru is Gaya-Kshetra. Zijn lichaam is de ontvankelijke Banyan boom. Zijn voeten zijn de voeten van Heer Vishnu en alles wat geofferd wordt aan zijn voeten worden oneindige verdienste.

 

Vers 39
De discipel zal altijd mediteren op zijn Guru. Hij zal altijd de naam van de Guru herhalen. Hij zal altijd zijn lering uitdragen. Hij zal slechts devoot zijn aan zijn Guru en aan niemand anders.

 

Vers 40
Brahman verblijft in de mond, de tong of Saraswati nadi van de Guru en de discipel verkrijgt Brahman door de gratie van de Guru. Men zal altijd mediteren op zijn Guru. Net zoals een trouwe vrouw enkel aan haar echtgenoot denkt.

 

Vers 41
Afstand nemen van manier van leven, kaste en plaats in de samenleving en andere wereldse acties zal men steeds afhangen van zijn Guru.

 

Vers 42
De gedachtegang van de ganse wereld opgevend en enkel attentie hebben voor de gedachten van de Guru verkrijgt men de hoogste zaligheid gemakkelijk. Daarom bij iedere mogelijkheid vereert U uw Guru.

 Vers 43

 

 

 

De discipel krijgt door devotie tot de Guru, de kennis die de Guru bezit. In de drie werelden is dit duidelijk kenbaar gemaakt door de Goddelijke wijzen, de pitris en de voorouders.

 

Vers 44

 

De letter "Gu" geeft duisternis weer. De letter "Ru" geeft de verwijdering van duisternis. Brahman die de mogelijkheid heeft om de onwetendheid op te lossen is zeer zeker de Guru.

 

Vers 45

 

"Gukara" betekent de cyclus van de geboorte en dood. "Rukara" betekent de vernietiging van geboorte en dood. Aan de beschouwing van kracht van vernietiging van geboorte en dood, is de leraar gekend door de naam "Guru".

 

Vers 46

 

De letter "Gu" betekent dat hij verheven is boven de drie gunas. De letters "Ru" geeft weer dat hij voorbij de vorm gaat. Omdat hij bevrijd is van de Gunas en vormen wordt hij "Guru" genoemd.

 

Vers 47

 

De eerste lettergreep "Gu" schept of manifesteert Maya en de Gunas. "Ru" is Parabrahman dat verdwijnt door Maya of illusie. Ik ben dit lichaam. Ik ben dit denken, enz.

 

Vers 48

 

Dus de staat van de Guru is Groot en Subliem. Het is heel moeilijk om het te verkrijgen zelfs door de Devas.

 

"Haha, Huhu". De verschillende Ganas en Gandharvas vereren deze zeldzame Gurupada.

 

Vers 49

 

Guru Tattva is uitzonderlijk. Er is niets groter dan de guru. Men zal zijn guru vereren en zichzelf toewijden. De Sadaka zal zijn lichaam, denken en ziel aan de Guru offeren.

 

Vers 50

 

De Sadaka zal steeds aanwezig zijn aan de Guru's zitplaats, slaapplaats, rijtuig, voertuig, ornementen, enz. eigen aan zijn tevredenheid.

 

Vers 51

 

Men zal in gedachten, woorden en daden zijn Guru altijd vereren met volledige overgave. Het lichaam plat op de grond voor de Guru. Hij zal nooit verlegen zijn wanneer hij zich aldus overgeeft.

 

Vers 52

 

Men zal zich volledig overgeven aan de Guru. Het lichaam, de zintuigen, de Prana, rijkdom, zijn relatie, het Zelf, zijn vrouw, zijn man, enz. Al dit zal worden overgegeven aan de Guru.

 

Vers 53

 

De volledige schepping die bestaat uit Brahma, Vishnu en Shiva, is de Guru alleen.
Er is niets groter dan de Guru. Daarom zal men de Guru vereren.

 

Vers 54

 

De heilige lotus-achtige voeten van de Guru stralen zoals twee parels van de Volledige Srutis. Hij, de Guru, is de weergave van de Waarheid van Vedanta. Daarom zal men de Guru vereren.

 

Vers 55

 

Door de grotere herinnering van de Kennis die vanzelf komt. Hij, de Guru is zijn volledige rijkdom. Daarom zal de aspirant altijd zijn Guru vereren.

 

Vers 56

 

O Parvati. Ken dit lichaam als een verblijfplaats van pijn, ongedierte, bloed, faeces, urine en andere slecht ruikende zaken.

 

Vers 57

 

Diegene die de boom van Samsara hebben beklommen vallen in de oceaan van de duisternis. Vereer uw Guru die u beschermt tegen vernietiging.

 

Vers 58

 

Guru is Brahman. Guru is Vishnu. Guru is Mahesvara. Guru alleen is waarlijk de hoogste Brahman. Vereer daarom de Guru.

 

Vers 59

 

Ik vereer die Guru die mij de hoogste staat van Brahman toont door de schoonheid van Kennis.
Vers 60

 

Ik vereer die Sadguru door wie het ganse universum is samengevat door de ononderbroken Bewustzijn en gevuld is met gedachten in iedere beweging en van objecten en wie mij mijn intuïtieve visie bracht van de volledige massa van het hoogste Bewustzijn.

 

Vers 61

 

Al wat beweegt en onbeweeglijk is. Hij die het leven beschermt. Tot die Guru die dit bereikte en de ware betekenis van Tvampada is, is deze verering.

 

Vers 62

 

Ik vereer die Guru die uitleg verschaft van de Asi-Pada die doordringt in de drie werelden als Chinnmaya, substantie van het licht, dat beweegt en bewegingloos is.

 

Vers 63

 

Door het Zelf waargenomen wat Siva is, bevrijd men zichzelf van de schakels van Maya binnen een seconde of zelfs binnen een halve seconde, door het volgen van de woorden van de Guru.
Mijn verering is tot die Guru.

 

Vers 64

 

Mijn verering tot die Guru die eeuwig is, vredevol en onaangeraakt. Vol van licht en Kennis is. Voorbij het niveau van Nada, Bindu, en Kala en die Akasha transcendeert.

 

Vers 65

 

Dat wat voorbij de Gunas, Sattva, rajas en Tamas is. Foutloos, kleurloos, vredevol, bewegend en onbewogen is. Dat wat de ganse wereld doordringt, die Sadguru, vereer ik.

 

Vers 66

 

Hij is de vader. Hij is de moeder. Hij is het familielid om ons te bevrijden van het bedrog van Samsara. Daarom vereer ik Hem.

 

Vers 67

 

Die Guru vereer ik door wiens mogelijkheid deze wereld schijnt waar te zijn. Door wiens licht de wereld is verlicht. Door wiens zaligheid iedereen gelukkig is.

Vers 68

 

Dat waarin het ganse universum bestaat, door wiens licht alles verlicht is. Door wiens vreugde en liefde enz. ons dierbaar zijn. Tot die Guru breng ik mijn verering.

 

Vers 69

 

Door wiens kracht we hier alles zien. Door wiens kracht het denken, intellect, chitta, enz. functioneert. Door wiens intelligentie de verschillende staten van waken, dromen en slaap gekend zijn. Tot die Guru breng ik nederig mijn offer.

 Vers 70

 

Wiens Kennis dit universum is. Voor wie zien en gezien niet bestaat. Die altijd gevestigd is in Kennis van éénheid. Tot die Guru zijn mijn vereringen.

 

Vers 71

 

Brahman is werkelijk begrepen of voldoende begrepen. Hij heeft iets gerealiseerd, dat het ongekende en onkenbare voor hem steeds blijft. Maar als iemand denkt dat hij het weet, dan in feite weet hij het helemaal niet. Daarom, iemand die verblijft in zijn eigen Bhava, eigen gevoel van het Zelf, tot die guru gaan steeds mijn vereringen.

 

Vers 72

 

Hij die de oorzaak is van alles. Toch verschijnt hij in de wereld als een effect. Mijn verering tot Hem die de natuur deelt van beide, oorzaak en gevolg.

 

Vers 73

 

Deze wereld van verschillende vormen. In wie er geen diversiteit verschijnt. Die schijnt als de oorzaak en effect van alles. Tot die Guru richt ik mijn verering.

 

Vers 74

 

Hij die gevestigd is in kennis en kracht. Wie versierd is met een guirlande van Waarheid. De werkelijkheid. Hij die in deze wereld bevrijding en gelukzaligheid schenkt. Tot die Guru is mijn verering.

 

Vers 75

 

Hij die breekt met de gebondenheden van Karma verwerft in ontelbare geboorten door de kracht van Kennis. O Guru ik vereer u. Ik veruur U Guru.

 

Vers 76

 

Ik vereer die Sadguru van wie het water waarin zijn voeten zijn gewassen de kracht heeft om de oceaan op te drogen van Samsara en de positie in het leven opvrolijkt.

 

Vers 77

 

Er is geen grotere waarheid dan de Guru. Geen grotere boetedoening dan de Guru. Geen kennis groter dan de Guru. Daarom zal ik steeds tot die Guru mijn offers brengen.

 

Vers 78

 

Mijn Heer is de Heer van het universum. Mijn Guru de Wereld-Guru, begeleider van de ganse wereld. Mijn Zelf is het Zelf van alle wezens in dit universum. Daarom zal ik de Guru vereren.

 

Vers 79

 

Guru is de belangrijkste en de eerste. Hij is zonder begin. Guru is de hoogste Werkelijkheid en Godheid. Er is geen Mantra zoals de mantra van de twee lettergrepige "Guru" genoemd zelfs als de één lettergrepige "Omkara" Brahman is. Daarom vereer ik de Guru.

 

Vers 80

 

Er is één hoogste hulp, aanverwante en vriend in deze wereld wanneer men geconfronteerd wordt in verschillende situaties. Guru is de beste Dharmatma. Daarom vereer ik de Guru.

 

Vers 81

 

Het universum is gesitueerd in Guru en Guru is het middelpunt van deze wereld. Deze wereld zelf is Guru. Niets anders dan de Guru. Daarom vereer ik de Guru.

 

Vers 82

 

Tot iemand die verward is in het woud van verandering over de richtingen, enz. Diegene die het juiste pad aanwijst. O Guru, aan u breng ik mijn groet.

 

Vers 83

 

Aangeroerd door de drie verschillende vuren. De rusteloze schepselen op aarde zwerven rusteloos. Tot zo een mensen, het voetwater van de Guru is werkelijk de Ganges. Vereer hem.

 

Vers 84

 

Voor diegene die gebeten zijn door een cobra van onwetendheid, is er geen andere dokter dan de Guru. Hij alleen kent de Mahamantra van de juiste Kennis van het Zelf.

 

Vers 85

 

Mijn groet tot de Guru die Sambhu is, is de oorzaak van de wereld. De brug om de oceaan van de onwetendheid over te steken en de bron van alle Kennis en wetenschap.

 

Vers 86

 

De achtergrond, de gedachten voor meditatie is de vorm van de Guru. Het beeld voor verering zijn de voeten van de Guru. De geheiligde mantra voor Japa is het woord van Guru en de oorzaak van Moksha is de gunst van Guru.

 

Vers 87

 

Welke verdienste er nodig zijn voor pelgrimstocht en welke baden in de heilige waters verlegd tot de zeven zeeën als één, kan niet in vergelijking worden gebracht tot zelfs een duizendste deel van de verdienste van het nemen van het water waarin de voeten van de Guru zijn gewassen.

 

Vers 88

 

Wanneer Siva kwaad is kan de Guru u redden. Als de Guru kwaad is kan niemand u redden. Daarom, wanneer je de Kali Guru hebt neem u toevlucht tot hem.

 

Vers 89

 

Net zoals een dorstige bij van de ene bloem naar de andere bloem op zoek gaat naar honing, zo ook zal een leerling op zoek gaan naar kennis, van de ene leraar naar de andere.

 

 

Vers 90

 

 

Ik vereer de twee voeten van de Guru. Begiftigd met de stralen van Siva en Shakti Prabha. Onderscheidbaar door witte en rode kleuren die voorbij gaan aan het bereik van de spraak, denken en gevoelens.

 

Vers 91

 

"Gu" geeft de staat aan van de Guru die boven de drie Gunas is en "Ru" geeft vrijheid van de schakels of vromen aan. Iemand die begiftigd is met de staat boven de drie Gunas en de vromen is de Guru.

 

Vers 92

 

O liefste Parvati. Guru is Siva zonder de drie ogen. Hij is Hari met twee handen. Hij is ook Brahma zonder de vier hoofden.

 

Vers 93

 

Moge deze verering met samengevouwen handen de oceaan van genade zijn door wiens gratie wezens bevrijding van het wondervolle Samsara verkrijgen.

 

Vers 94

 

Net zoals een blinde de opkomende zonlicht niet ziet, zo zijn mensen van beperkt intellect ongelukkig. Ze zien niet de hoogste vorm van de Guru met de hulp van discriminatie.

 

Vers 95

 

Guru is ogenblikkelijk de redder van iemands familielijn. Niet slechts één maar crores, 10.000 van generaties. Dit wetende zal men de Sadguru drie maal daags vereren.

 

Vers 96

 

Mijn Liefste Parvati. In welke richting de heilige voeten van Sri Natha, Sadguru, ook mogen rusten, vereer die plaats en richting met grote devotie iedere dag.

 

Vers 97

 

Men zal zijn Guru dagelijks vereren door volledig voorover te liggen voor Hem. Door zo een verering verkrijgt men standvastigheid en ultieme realisatie van zijn eigen natuur.

 

Vers 98

 

Vereer volledig plat liggende op de buik, met beide handen, benen, knieën, lenden, hoofd en aangezicht, denken en spraak zal men de Guru vereren. Deze volledige overgave is Sashtanga Pranama.

 

Vers 99

 

Tot die richting waar de Guru Bhagavan verblijft, de eeuwige getuige van deze handeling van het opkomen, blijven en oplossen in de wereld ronddwaalt, offer met een handvol verse bloemen.

 

Vers 100

 

Wat is het doel van de gevaarlijke en pijnlijke, langdurige, bedenkelijke oefening resulterend in ziektes, oncontroleerbare adem, enz. Wanneer door de gratie van de Guru alle moeilijkheden op het pad van yoga verdwijnen en de zalige staat van die Sahajavastha verkrijgt, zal men de Guru alleen vereren en dienen. Al het andere is een bijkomstigheid.

 

Vers 101

 

Door de devotie die beoefend wordt naar de Guru, verkrijgt men de staat van Mukti zelfs zonder kennis. Voor diegene die het pad volgen van onwrikbare devotie tot de Guru, is er geen andere Sadhana nodig dan de gratie van de Guru. Guru Prasada.

 

Vers 102

 

De Srutis verklaren: "Neti-Neti" - "niet dit, niet dit", en spreken van iets dat voorbij gaat van datgene wat niet wordt genoemd - die Tattva is realiteit van de Guru. Men zal daarom door de Trikarana (gedachte, woord en daad) zijn Guru vereren.

 

Vers 103

 

Het is door de gratie van de Guru dat Brahman, Vishnu en Siva de mogelijkheid hadden om hun plicht te doen - schepping, onderhouden en transformeren. Daarom zal men zijn Guru altijd vereren.

 

Vers 104

 

Zelfs de Devas, de Kinnaras, Gandharvas, Pitris, Yakshas en Wijzen zoals Tumburu en andere kennen niet de juiste techniek om de Guru te dienen.

 

Vers 105

 

Mensen die de kennis bezitten in Tarkashastra, in de Vedische Chhandas, kenners van de goddelijke wezens, Karmakandins, mensen in de wetenschappen - geen van hen weet wat Guru-Tattva in de basis is.

 

Vers 106

 

 

Rekenschap gevend van groot egoïsme, trots, kracht van Tapas en onderwijs, zwerven mensen in deze wereld zoals de potten van een Perzisch wiel.

 

Vers 107

 

Niet diegene die grote offers houden, noch Yogis, noch diegene die uitzonderlijke oefeningen doen zijn bevrijdt zonder de ware kennis van de Guru Tattv.

 

Vers 108

 

 

Diegene, die afkerig staan tegenover de onderhouder, kan geen bevrijding verwachten van de cirkel van Samsara (geboorte en dood), misschien zijn zij Gandharvas, Pitris, Yakshas, Charanas, Rishis, Siddhas of goden.

Aldus eindigt het eeste deel van de Guru Geeta. De dialoog tussen Sri Uma en Sri Mahesvara. Parvati en Siva.
Het tweede deel is de Skanda Purana.

 

Hoofdstuk 2

 

Vers 109

 

O Mahadevi. Hoor door de methode van meditatie op de Guru, de schenker van zaligheid, vreugde en gelukzaligheid. Het is de schenker van Bhukti en Mukti en alle verschillende gelukzaligheid.

Vers 110

 

Ik mediteer op de Sadguru. Ik bid tot de Sadguru die het Parabrahman is. Ik spreek van de Sadguru en ik vereer de Sadguru.

 

Vers 11

 

Ik aanbid de Sadguru, de schenker van de hoogste gelukzaligheid, de zaligheid van Brahman. Die absolute kennis is. De ene zonder een tweede, die voorbij gaat aan de paren van tegenstelling, groots en doordringend zoals de hemel. Het doel dat bedoeld wordt in de Mahavakya "Tattvamasi". Het eeuwige, zuiver, onveranderlijk, de getuige van de functies van het intellect, die boven de Bhavas, mentale condities, staat en de drie Gunas, Sattva, Rajas en Tamas.

 

Vers 112

 

De discipel zal mediteren op de Guru zoals gezeten op de goddelijke troon in de lotus van het hart. Hij zal mediteren op de goddelijke vorm van de Guru. Stralend licht zoals dat van de volle maan. Het heeft de mogelijkheid om de mediteerder de zegen te schenken van de zaligheid van Sat (bestaan), Chit (bewustzijn) en ananda gelukzaligheid.

 

Vers 113 & 114

 

Ik zal Sri Sadguru altijd vereren die Yogendra is. Klaar om te aanbidden, de dokter die alle ziektes geneest van geboorte en dood, die euwige gelukzaligheid is, die zichzelf is, zaligheid schenkend, zalig voor iedereen, die altijd vrolijk is, vol van kennis, die een wit kledingstuk draagt, omringt met witte bloemen, aan wie langs de linker kant Goddelijke Shakti zit, die een vrolijk gelaat heeft, die begiftigd is met Kripa-Kataksha (goedogend) en die twee ogen heeft.

 

Vers 115

 

Ik aanbid de lotusvoeten van de leraars die me de bron toonde van de eeuwige oceaan van zaligheid. Het zelf binnenin hem geboren, die ons de remedie gaf van het "Halahala" vergif van Samsara.

 

Vers 116

 

Men zal die Guru vereren in wie de vijf soorten van giften altijd aanwezig zijn; scheppen, onderhouden, vernietigen, Nigraha (straf) en Anugraha (zegen).

 

Vers 117

 

De Guru zijn heilige lotusvoet bezit het vuur om de volledige Samsaras te verbanden van de discipel en heeft een kroon op zijn hoofd (Brahma Randhra) de maan-achtige nectar die de mogelijkheid heeft om de vlammen van Samsara te vernietigen en geeft de discipel de onsterfelijkheid.

 

Vers 118

 

Men zal mediteren op de Guru gezeten in de duizendbladige lotus van de drie mandala driehoeken waar de drie lijnen (van de driehoek) de Akara, Kakara en Thaakara beschrijft.

 

Vers 119

 

Dat eeuwig zuivere, vormloze, onaangeraakt, ongemanifesteerde, constante kennis van eeuwigheid, bestaan en zaligheid, tot die Guru offer ik mijn verering.

 

Vers 120 & 121

 

Mogen de Goddelijke visie van de Sadguru altijd in mij verblijven. De Divya Drishti van de Guru is zo krachtig dat de ganse schepping er vanaf hangt, aan wie de ganse schepping lijkt te bestaan. Van wie de ganse vedische kennis afhangt. In wie de ganse schepping rust. Van wie de wegen van Brahman afhangt en zijn creatie. In wie het pad van bevrijding rust. Waarin de steun van de schepping samengebald is in zovele werelden. De regen van wie genadevol is schenker van zelfkennis. De visie van Sat Chit Ananda en alle creatieve bestaan.

 

Vers 122

 

Er is niets groter dan de Guru. Er is niets groter dan de Guru. Er is niets groter dan de Guru. Niets is groter dan de Guru. Door de commando van Siva zeg ik dit, door de commando van Siva zeg ik dit, door de commando van Siva zeg ik dit, door de commando van Siva zeg ik Dit.

 

Vers 123

 

Met de autoriteit van Vishnu dit alleen is Siva. Door de autoriteit van Vishnu dit alleen is Siva. Door de autoriteit van Vishnu dit alleen is Siva. Door de autoriteit van Vishnu dit alleen is Siva.

 

Vers 124

 

Door het bevel van Brahma is dit de enige echte onveranderlijk Waarheid. Door het bevel van Brahma is dit de enige echte onveranderlijk Waarheid. Door het bevel van Brahma is dit de enige echte onveranderlijk Waarheid. Door het bevel van Brahma is dit enige de echte onveranderlijk Waarheid.

 

Vers 125

Dus door meditatie op de Guru verkrijgt men echte Kennis. Men zal dan voelen: "door de instructies van de Guru ben ik bevrijd".

 


... wordt vervolgd.


Om Namah Sivaya